© 2017 by FURlab

 

Bont en het ethische debat over onze omgang met dieren

 

De samenleving staat aan het begin van een fundamenteel debat over onze omgang met dieren. Voorlopig is het debat vooral willekeurig en niet consistent.  Ook wordt de ethische opvatting van de samenleving ten onrechte constant verward met wat de publieke opinie er van vindt. De publieke opinie verwoordt slechst de waan van de dag en is lang niet altijd het resultaat van een goed geinformeerd publiek.  Wel laat het maatschappelijk debat een duidelijke richting zien: we vinden hoe we ons verhouden tot dieren steeds belangrijker. In principe staan in het maatschappelijk debat twee visies tegenover elkaar. De visie van de dierenrechtenbeweging die uiteindelijk elk gebruik van dieren uitsluit voor voedsel, kleding, gezelschap en ook voor wetenschappelijk onderzoek. En de visie van hen die vinden dat onze relaties met dieren ons tot nut mogen zijn.  De bontbranche is een warme pleitbezorger van dit laatste gezichtspunt: het is vastgelegd in onze vijf principes.

 

 

Een pleidooi voor een samenleving waarin dieren tot menselijk nut mogen zijn

 

Het praktische en spirituele principe voor al  het  leven op aarde is dat voor fauna (inclusief de mens) en flora het overleven voorop staat door te geven en te nemen van de natuur. Dit is de essentie van het leven zelf waarbij elke soort invloed heeft op elkaar en de natuurlijke leefomgeving. Leven zonder deze onderlinge beinvloeding bestaat niet: interactie en afhankelijkheid is het leven zelf.  De mensheid bezit dezelfde drijvende kracht voor het voortbestaan van de soort; wij overleven door gebruik te maken van natuurlijke hulpbronnen. Elke filosofie die de mensheid het recht ontneemt (de essentie van de dierenrechtenbeweging) om bijvoorbeeld dierlijke producten te eten, ontkent de fundamentele principes van haar eigen bestaan en de bron waar wij allen vandaan komen; onze levende planeet waar iedereen en alles is verbonden. Als het enige wezen op aarde dat instaat is tot rationeel denken en handelen is het onze morele verantwoordelijkheid om ons tot de natuur te verhouden op een manier die ons ten nut is maar om tegelijkertijd diezelfde natuur respecteert door  de verantwoordelijkheid te nemen voor haar voortbestaan en evenwicht. Als mensheid dienen we te evolueren naar een duurzame relatie met de natuur waarbij we haar overvloedige bronnen benutten in een staat van evenwicht en wederkerigheid. Dat is in het belang van mens, fauna en flora.

 

Mensen maken gebruik van dieren op vele manieren, voor voedsel, kleding, wetenschappelijk onderzoek, gezelschap en sport. Het is een fundamenteel recht van vrije keuze in een moderne democratie om onze persoonlijke relaties met dieren te kiezen. Onze samenleving dient te evolueren rond kernwaarden als openheid, transparantie en vrije wil in plaats van gebaseerd te zijn op ideologieen die deze vrije wil beperken. Er bestaan in onze samenleving nu eenmaal verschillende morele visies gebaseerd op geschiedenis, cultuur, traditie etc. Deze verschillen – ook van minderheden – dienen te worden gerespecteerd, willen we vooruitgang boeken naar een onderlinge  verdraagzame samenleving waarin de belangen van mens en dier worden gerespecteerd. Vanuit deze kernwaarden dienen we onze relaties met dieren te baseren op een gedeeld ethisch kader:

 

 

  • we respecteren de individuele integriteit van elk dier

  • als we nemen van de natuur, oogsten we alleen het natuurlijk overschot dat de natuur ons biedt: we zullen nooit het voortbestaan van een soort of het natuurlijk evenwicht in gevaar brengen

  • dieren die worden gehouden buiten hun natuurlijke (voormalige) leefomgeving (landbouwhuisdieren, gezelschapdieren etc) – wild- half wild of gedomesticeerd- zullen altijd een dierwaardig bestaan en goed welzijn worden gegarandeerd op basis van de Vijf Vrijheden en indien van toepassing humane dodingsmethoden.

  • in het geval dat het dierenwelzijn in het geding is dient een ethische afweging te worden gemaakt op basis van de afweging van het menselijk nut tegenover het dierlijk lijden. Het mensenlijk nut dient het dierlijk lijden ruimschoots te overtreffen.

  • het beoordelen van de invloed van mensen op dierenwelzijn en de natuur dient altijd gebaseerd te zijn op gedegen wetenschappelijk onderzoek.

  • dierenwelzijnswetgeving dient betrekking te hebben op alle dieren en sommige dieren te discrimineren (bijvoorbeeld plaagdieren).

  • ethische afwegingen over het gebruik van dieren dienen consistent te zijn en niet gebaseerd op willekeur.

 

 

ONZE VIJF MORELE PRINCIPES

 

Wij zijn voorstander van een samenleving waarvan het gebruik van dieren voor menselijke doeleinden mogelijk is voor voeding, kleding, gezelschap, sport of wetenschappelijk onderzoek.

 

Wij erkennen onze morele verantwoordelijkheid dat onze verhouding tot dieren en de natuur betekent dat indien we een menselijke belang dienen ook tegelijkertijd het belang van het dier, de natuur en de aarde altijd dienen te respecteren. Onze kernverantwoordelijkheid is duurzaam handelen. 

 

Wij vinden het een fundamenteel moreel recht om zelf op basis van vrije keuze onze relaties met dieren in een moderne democratie te bepalen. Dit recht dient te worden verankerd in een gedeeld ethische startpunt waarvan dierenwelzijn het belangrijkste onderdeel is. Het is aan de overheid om de wettelijke kaders voor dierenwelzijn te scheppen zodat in onze relaties met dieren, een dierwaardig bestaan en dierenwelzijn zijn gegarandeerd. Het is niet aan de overheid om zich in een verdere morele afweging van ieder individu afzonderlijk te mengen. Vlees eten mag voor de een gezien worden als eerste levensbehoefte voor de vegetarier is dat allerminst het geval. Bont wordt door de een gezien als luxe door de ander als de meest duurzame bescherming tegen de kou door de natuurlijke eigenschappen en de gebruiksduur van twintig jaar.

 

Naast het belang van dierenwelzijn erkennen we dat een gezamenlijk ethisch startpunt voor duurzaam handelen ook het volgende omvat: alleen oogsten van overvloed, humane dodingsmethoden, belangenafweging mens/dier als welzijn wordt geschaad, beoordeling van onze invloed op dier en mens alleen op basis van gedegen wetenschappelijk onderzoek, alle dieren tellen mee en morele consistentie in plaats van willekeur.     

 

 

Wij respecteren de verschillende morele opvattingen over het gebruik van dieren in onze samenleving gebaseerd op geschiedenis, religie, cultuur en traditie. Wij zetten ons in voor een onderling verdraagzame samenleving gebaseerd op openheid en transparantie,  die de belangen van mens en dier dient.